Gaius Flavius Valerius Constantius

305 – 306


Constantius I Chlorus was een Romeinse keizer die leefde van ongeveer 250 tot 306 na Christus. Hij speelde een belangrijke rol in de hervorming en stabilisatie van het Romeinse Rijk tijdens een turbulente periode die bekendstaat als de crisis van de derde eeuw.

Constantius werd geboren rond 250 n.Chr., waarschijnlijk in de Balkanregio van het Romeinse Rijk. Zijn bijnaam “Chlorus” betekent “de bleke”, al werd deze naam pas later gebruikt door historici. Over zijn jeugd is weinig met zekerheid bekend, maar hij klom op via de militaire rangen, wat destijds een gebruikelijke weg naar macht was.

Zijn carrière nam een belangrijke wending onder keizer Diocletianus, die het rijk reorganiseerde via het systeem van de Tetrarchie. Dit systeem verdeelde de macht over vier heersers: twee senior keizers (Augusti) en twee junior keizers (Caesares).

In 293 n.Chr. werd Constantius benoemd tot Caesar (onderkeizer) van het westelijke deel van het rijk, onder leiding van Maximianus.

Constantius stond bekend als een capabele en effectieve legerleider. Hij behaalde belangrijke overwinningen, zo heroverde hij Britannia (het huidige Groot-Brittannië) van de usurpator Carausius en diens opvolger Allectus en Hij verdedigde de Rijngrens tegen Germaanse stammen. Zijn beleid stond bekend als relatief mild, vooral in vergelijking met andere heersers uit zijn tijd.

In 305 n.Chr., toen Diocletianus en Maximianus vrijwillig aftraden, werd Constantius verheven tot Augustus (senior keizer) van het Westen. Hij regeerde echter maar kort in deze rol.

Constantius stierf in 306 n.Chr. in Eboracum (het huidige York in Engeland) tijdens een militaire campagne. Na zijn dood riepen zijn troepen zijn zoon, Constantijn de Grote, uit tot keizer. Dit markeerde het begin van een nieuwe fase in de Romeinse geschiedenis, waarin Constantijn uiteindelijk alleenheerser werd en het christendom legaliseerde.